fotogalerij

Wereldoriëntatie

Het hart van ons Jenaplanonderwijs wordt gevormd door wereldoriëntatie. Hetgeen de kinderen hebben geleerd in de instructies en verwerking van de basisvaardigheden wordt zoveel mogelijk toegepast in ons wereldoriëntatie-onderwijs. Onder dit onderwijs verstaan wij onder andere aardrijkskunde, geschiedenis, biologie, techniek en natuurkunde. Deze vakgebieden zijn op veel scholen vaak strak van elkaar gescheiden, maar binnen het Jenaplanonderwijs bieden wij dit aan door middel van thema's. In de thema's wordt gestreefd naar samenhang, waarbij er een ontdekkende houding van kinderen wordt gestimuleerd.


Thema's

In elke stamgroep komen in het schooljaar verschillende thema's aan bod. Veel van deze thema's worden met de gehele bouw (onderbouw, middenbouw of bovenbouw) aangeboden, maar elk schooljaar zijn er ook twee schoolprojecten. Samen met alle groepen wordt er dan gewerkt aan één van de zeven ervaringsgebieden die in het wereldoriëntatie-onderwijs centraal staan. Binnen het schoolproject wordt er aangestuurd op van en met elkaar leren door de gehele school heen, onder andere door stamgroepen bij elkaar op bezoek te laten gaan of door bovenbouwers presentaties te laten geven in andere groepen. Voorbeelden van thema's zijn onder andere: water, verkeer, communicatie, politiek en wereldgodsdiensten, maar ook moet er gedacht worden aan Sinterklaas, Kerst en Pasen.


Ervaringsgebieden

Wereldoriëntatie is geordend in zeven ervaringsgebieden, namelijk 'communicatie', 'techniek', 'maken en gebruiken', 'omgeving en landschap', 'het jaar rond', 'samen leven' en 'mijn leven'. Elk van deze ervaringsgebieden komt in een driejarige cyclus terug, waardoor elk kind op onze school meerdere thema's uit elk ervaringsgebied krijgt aangeboden. Ons wereldorïentatie-onderwijs voldoet aan de kerndoelen basisonderwijs.


Geschiedenis en topografie in de bovenbouw

In de bovenbouw krijgen de kinderen meerdere malen per schooljaar een geschiedenisproject aangeboden. De verschillende tijdvakken in de geschiedenis worden aangeboden in een driejaren cyclus. Elk kind heeft aan het einde van de bovenbouw geleerd over alle tijdvakken uit de geschiedenis. De topografische kennis wordt vooral aangeleerd binnen de instructie in niveaugroepen. In groep 6 wordt de topo van Nederland aangeboden, in groep 7 Europa en in groep 8 de wereld. De kinderen krijgen hiervoor ook huiswerk mee.